De VOC (1602).

In 1602 werd de VOC opgericht, de Verenigde Oostindische Compagnie.

De VOC was een bedrijf.

Met de VOC begon de Gouden Eeuw.

De Gouden Eeuw was een periode van bloei in Holland.

Het was een periode waarin veel geld werd verdiend.

Met dat geld konden de steden groeien en zich ontwikkelen.

 

Handelaren in Holland en Zeeland maaktne de afspraak om samen te werken.

Door deze samenwerking ontstond de VOC.

De handelaren legden hun geld bij elkaar.

Met geld van de handelaren werden schepen gebouwd.

De schepen voeren naar Afrika en AziŽ.

Daar kochten de Hollandse handelaren onder andere peper, koffie, thee en suiker.

Producten die in Europa niet voorkwamen en die veel geld waard waren.

De schepen kwamen terug met deze producten.

De pakhuizen in Amsterdam en in andere steden lagen vol met deze producten.

Deze producten werden verkocht met veel winst.

Zo verdienden de handelaren veel geld.

De VOC bracht veel welvaart naar Holland.

 

Een reis naar AziŽ duurde soms wel 12 maanden.

Het leven op de schepen was moeilijk en zwaar.

De reis was gevaarlijk.

Het eten was ongezond en het water was na enkele maanden vies.

Veel mensen werden ziek tijdens de reis.

En veel mensen gingen dood tijdens de reis naar AziŽ.

 

Vooral Amsterdam profiteerde van de handel.

Veel mensen gingen in Amsterdam wonen.

Zij zochten daar werk.

Wel 10.000 werknemers werkten voor de VOC.

Veel mensen waren nodig om de schepen te maken.

In de havens werkten honderden mensen.

Deze mensen moesten de schepen leeg halen.

En ook op de schepen werkten veel mensen.

Door de toeloop van mensen waren er veel nieuwe huizen nodig.

Daarom werd in de Gouden Eeuw volop in Amsterdam gebouwd.

De nu wereldberoemde grachten werden gegraven.

Aan deze grachten lieten de rijk geworden handelaren hun stadspaleizen bouwen.

Nieuwe wijken werden gebouwd.

En Amsterdam kreeg een nieuw stadhuis.

 

De VOC bestond tot 1799.